dinsdag 17 mei 2011

Dag 3 Van Spy naar Mons

Om kwart voor negen vertrokken. Het ziet er vanmorgen weer koud en guur uit. Gelukkig blijft het bij dreigen en houden we het droog vandaag. De wind is nog straffer dan gisteren en natuurlijk altijd tegenwind. God maakt het ons en vele anderen echt niet makkelijk. Tegen twaalf uur verschijnt  een voorzichtig zonnetje, dat zich later in de middag doorzet naar een volle zon. Klokken onderweg geven 19 graden aan, gevoelsmatig is het niet warmer dan 15 a 16 graden. Geeft niets. We genieten en koesteren onszelf in de zon tijdens de korte rustpauzes.  De weg is tot Chapelle, ± 50 km., is nog erger rijden dan de Limburgse heuvels. Er zit nauwelijks adempauze in. Heuveltje op heuveltje af. Chapeau voor onszelf en de fietsen.
Wiel  snuit zijn neus al die jaren al op een manier waar ik me dagelijks aan erger. Doen alle mijnwerkers, zegt hij dan. Nu hij steeds achter me rijdt geeft dat een veilig gevoel. Ik zie hem niet, maar hoor hem regelmatig.
Rond tien uur passeren we de provinciegrens Hainaut. We hebben 14.7 km. gereden. Rondom het vliegveld Charleroy stopt ineens het fietspad. We worden naar een middenberm geleid via een oversteekplaats op een drukke N weg. Rijden daar 1 km. en moeten dan opnieuw naar de zijkant. Dat blijkt een smal pad te zijn , volgestouwd met afgegraven gaten en lantaarnpalen, waar je lopend al nauwelijks langs kan komen. Tussendoor klunen we ook nog langs de gekste paadjes. Op gegeven moment geven we er de brui aan en gaan gewoon op de drukke N weg rijden. Het is nog net geen autobaan. Rond 12 uur komen we aan bij Gosselies. Hier is alles opgebroken en kunnen we opnieuw geen kant uit. Bij een tankstation vragen we hoe nu te rijden,  eten daar op een stoepje gezeten een heerlijk stokbrood gezond en een met zalm , 4 euro samen.
In Chapelle vragen we een fietser de weg naar Mons. We komen er niet meer uit. Mons stondf nergens meer aangegeven.  De Tomtom zou hulp kunnen geven, maar is op de fiets niet te verstaan of te zien door de zon. Borden bestaan niet meer in Belgie, zijn vast te duur. Voor fietsers is het nog slechter aangegeven, uitgezonderd Belgisch Limburg. We ontmoeten Pierre  Darquenne. Hij brengt ons tien km. verder naar La Louviere. Hij moest werken, anders was hij meegereden tot Mons.
Rond 16.45 komen we aan, na een mooie tocht langs het kanaal. Onderweg zien we nog een hoogteverval  bij de drie sluizen van iedere keer zo´n  25 meter. Er vaart een boot  de eerste sluis in. Terwijl ik me afvraag hoe die in hemelsnaam omhoog  moet komen, zie ik de boot als een lift omhoog getild worden naar het bovenliggende water.

Rond 16.45 komen we aan, na een mooie tocht langs het kanaal. Onderweg zien we nog een hoogteverval  bij de drie sluizen van iedere keer zo´n  25 meter. Er vaart een boot  de eerste sluis in. Terwijl ik me afvraag hoe die in hemelsnaam omhoog  moet komen, zie ik de boot als een lift omhoog getild worden naar het bovenliggende water.

Aangekomen in Mons krijgen we via de VVV een kamer met twee stapelbedden in de jeugherberg  en moeten met alle bagage naar twee hoog klimmen, 2x dus.  Een warme douche geeft weer kracht en rond zeven uur gaan we eten op de markt, na eerst de was te hebben gedaan. Er is weer een stempeltje op ons paspoort toegevoegd. Rond 19 uur een dagschotel op de markt gegeten, in de zon. Het is 22 uur. Wiel ligt al op een oor en ook ik ben uitgeteld. Welterusten allemaal.
Gereden kilometers 72.78    Rijtijd 8 uur inclusief pauzes. Gemiddelde snelheid 14.94