zondag 22 mei 2011

Dag 8 2011-05-22 Van Villeparisis via Parijs naar Montrouge

Om kwart voor tien vanmorgen vertrokken. Wiel nam liever de bagage gelijk mee. Bij het hotel is geen metro of busverbinding naar Parijs en om 50 a 60 km. heen en weer te rijden is ook zinloos, omdat dezelfde weg morgen dan nog eens gereden moest worden. Ons  hotel ligt dicht bij het fietspad langs het kanaal, welk ons 25 km naar Parijs voert.  Onderweg komen we zoveel trimmers tegen, dat hebben we in Holland nog nooit gezien. Als we het fietspad moeten delen met de trimmers, denken ze dat het hele fietspad van hen is en moeten wij fietsers er doorheen laveren om ongelukken te voorkomen. Ze hebben allemaal muziek op hun hoofd, dus horen ze ook nog geen fietsbel. Het is een mooie tocht met af en toe een klein klimmetje.  Onderweg worden we staande gehouden door twee Fransen die vragen of we Hollanders zijn en een praatje willen maken. Vinden het geweldig dat we naar Santiago fietsen. We worden vaker onderweg aangeroepen. Een keer riep een fietser: St. Jacques? Oui, riepen we en hij wenste ons een Bon Camino. Andere keren wordt zomaar weer Bon voyage toegeroepen. Komen we in kleine dorpjes dan is er altijd wel weer iemand die roept St. Jacque? Komt naar ons toe en wijst de weg. Net alsof er overal waar nodig is engeltjes aanwezig zijn om ons op weg te helpen.

In  Pantin, een voorstadje van Parijs komen we langs een park waar overal mannen in groepen voetballen met een opvouwbaar en heel klein doel. Aan de overzijde is een grote bol met de weerkaatsing van het park nagemaakt. Terwijl de zon er op schijnt geeft het een nog mooiere diepte. Even verder kopen we ons een stokbrood gezond. Een bedelaar vraagt om eten. We nemen hem mee de bakkerij in om een stokbrood te kopen. Hij vraagt ook nog drinken en wil dan nog eens een duur gebakje. Brood en limonade geven we graag.  Nog geen minuut later staat hij alweer te bedelen en brood + limonade is verdwenen. Zo snel kon hij het nooit opgegeten hebben. Rond twaalf uur kwamen we aan in Parijs. Ik heb het als buschauffeur al vaker gezien, maar voor Wiel is alles nieuw.  Bij de Notre Dame is het abnormaal druk door een tentoonstelling in een grote tent tegenover het plein. Langs de lange rij toeristen, die wachten om de kathedraal binnen te komen, loop ik naar de bewaking  om te vragen of ik even door mag lopen in  de kerk  om een stempel in ons paspoort te laten zetten. Ze geven direct toestemming. Hier en daar maak ik nog een mooie foto, maar voor de rest hou ik het voor gezien. Veel te druk en te vol. Wiel wil helemaal niet naar binnen. Terwijl hij op de fietsen past wordt hij regelmatig gevraagd om even een foto te maken van groepjes mensen.
Het rijden met een bus of auto is in Parijs minder prettig dan met de fiets, al hebben we geluk dat het zondag is, minder verkeer en een stuk rustiger. Je merkt toch dat de Fransen rekening houden met fietsers. Bovendien zijn er redelijk veel fietspaden in Parijs. Wanneer Wiel de Eiffeltoren ziet, valt het hem tegen. Hij had er meer van verwacht. We eten hier ons broodje gezond, zittend op een bankje in de zon en bekijken wat er om ons heen allemaal gebeurt. Behalve veel toeristen lopen er allemaal donkere mannen uit Afrikaanse landen kitsch te verkopen. Zodra de politie op de fiets aan komt racen, en dat gebeurt een paar keer in het uur terwijl wij daar zitten, pakken ze allemaal als de bliksem hun spullen en hollen alle kanten uit. Volgens mij zijn het allemaal illegalen die op deze manier wat trachten te verkopen en doodsbang zijn om opgepakt te worden.  Er is totaal geen variatie in wat ze verkopen, grote of kleine Eiffeltorentjes in brons of goudkleur. Allemaal kitsch en ze hangen aan grote ringen. Sommigen hebben alles uitgestald op de grond of op een zitbankje met daaronder een grote doek. Als ze weghollen vliegt een deel van de handel weer over de grond en de paniek is dan groot. Eigenlijk moet je medelijden met ze hebben, want ze verkopen nauwelijks wat. Ze bezitten niet veel denk ik en voor mijn gevoel werken ze allemaal voor een man, maar lopen elkaar in de weg. Parijs met veel plezier bekeken en rondgereden. Met de fiets ben je overal vlugger dan als voetganger of met de metro.

Na ruim 10 km. rondgetoerd te hebben, hier en daar wat foto´s gemaakt houden we het om vier uur voor gezien. Een politieagent schrijft voor ons de weg op naar de route die we moeten hebben. Onderweg op een terrasje cola gedronken en op zoek naar het volgende Formule 1 hotel in Montrouge, wat net buiten Parijs ligt.
Gereden k, 41.92  Gemiddelde snelheid 13.24